Secco

Secco is de moderne naam voor trendy parelwijn.

Feiten

  • 6 - 8° graden

    Drinktemperatuur

  • < 35 g/l

    Restsuiker wordt als 'trocken' beschouwd

  • 1 - 2,5 bar

    Druk

Goede parelwijnen wijnen zijn fris, licht, zomers en fruitig en relatief goedkoop, omdat er geen accijns (zoals voor bijvoorbeeld Sekt) hoeft te worden betaald. Ze maken nu deel uit van het standaardrepertoire van veel Duitse wijnproducenten. (Video)

Perlwein wordt in de Duitse wijnwet gedefinieerd als een wijn met een hoger koolzuurgehalte dan niet-mousserende wijnen. Terwijl het koolzuur grotendeels ontsnapt tijdens de gisting van druivenmost tot wijn, wordt het koolzuur opgevangen voor de bereiding van parelwijn van hoge kwaliteit en na de gisting aan de wijn terug toegevoegd.

Secco heeft slechts een druk van 1 tot 2,5 bar, terwijl Sekt ten minste 3 en maximaal 6 bar koolzuurdruk bevat. De kurk van Secco moet niet worden beveiligd met een metalen korfje (agraffe), zoals bij klassieke mousserende wijn, maar wordt meestal afgesloten met een schroefdop of een kurk met een krimpfolie eroverheen.

Smaakgradaties voor parelwijn 

  • Trocken (droog): tot 35 g/l restsuikergehalte
  • halbtrocken (halfdroog): 33 - 50 g/l restsuikergehalte
  • Mild: >50 g/l restsuikergehalte

hier'is de themapagina voor mousserende wijn

Video: Prikkelfactor mousserende wijn en secco

Is Secco hetzelfde als Prosecco?

Neen! Volgens de Duitse wijnwet is Secco een mousserende wijn met technisch toegevoegd koolzuurgas. Prosecco daarentegen komt uit Italië. Het wordt gemaakt van het druivenras Glera en mag alleen worden geproduceerd in de DOC Prosecco en is verkrijgbaar als mousserende, parelende en niet-mousserende wijn.

Tip uit de Zweedse keuken Geglaceerd wild met zwarte bessen, schorseneren en peterseliepuree in rode wijnsaus

Duitse wijnen en de Scandinavische keuken - een geslaagde combinatie, zelfs met wildgerechten. Een 2-3 jaar oude Pinot Noir is een zeer goede begeleider.

  • 600 g wild
  • 100 g bevroren zwarte bessen
  • 1 el honing
  • 1 el geraspte gember
  • 1-2 el rode wijnazijn
  • 100 ml rode wijn
  • 1 snufje kardemon
  • 1 el vanillesuiker
  • 8 schorseneren
  • 1 el boter
  • 1 el honing
  • 50 gr hazelnoten, gehakt en geroosterd
  • Een beetje zout
  • 600 g aardappelen
  • 300 g peterseliewortel
  • 100 ml room
  • 100 ml melk
  • 2 el boter
  • Telkens een snuifje zout, suiker en muskaatnoor
  • 300 ml vleesbouillon
  • 2 sjalotten, fijn gehakt
  • 100 g zwarte bessen
  • Een beetje tijm en laurier
  • 300 ml rode wijnazijn
  • . .

Stap 1 Kook de rode bessen, honing, gember, kardemom, rode wijn en rode wijnazijn 5-8 minuten in een steelpan. Voeg dan de vanillesuiker toe en mix alles samen in een blender, zeef het en verpak het in een luchtdichte verpakking.

 

Stap 2 Snijd het vlees (bewaar het overgebleven vlees voor de saus), kruid het goed en bak het in olie en boter. Smeer een kleine hoeveelheid van het bessenglazuur op het vlees en plaats het vlees dan in de oven op 120 ° C, tot de interne temperatuur 54-56 ° C heeft bereikt. Laat het vlees vervolgens rusten 

 

Stap 3 Bestrijk het vlees voor het snijden met wat meer glazuur en bak het licht in een droge pan tot het glazuur kleverig wordt. Snijd dan in plakken en serveer.

 

Stap 4 Schil de schorseneren en kook ze beetgaar in gezouten water, zeef ze en laat ze afkoelen. Bak voor het serveren de schorseneren licht in boter, voeg de hazelnoten en honing toe, karameliseer, breng op smaak en serveer.

 

Stap 5 Kook de aardappelen en peterselie samen in gezouten water tot ze zacht zijn. Kook de melk, room en boter. Pureer de aardappelen en voeg toe aan het roommengsel, breng op smaak en meng goed.

 

Stap 6 Doe voor de saus de restjes vlees, sjalotten, kruiden en zwarte bessen in een pan. Voeg de wijn en azijn toe en laat de saus tot de helft inkoken. Voeg dan de bouillon toe en laat de saus weer tot 1/3 inkoken, verfijn met boter en zeef.

  • Spätburgunder (trocken)
Hirschkalbsrücken

met de kruiden van groene saus uit Frankfurt Quiche met kruiden

met de kruiden van groene saus uit Frankfurt

  • 200 gr meel
  • 100 gr boter
  • Telkens een bosje peterselie, waterkers, kervel, salie, zuring, bieslook, pimpernel (kruiden voor de groene saus uit Frankfurt)
  • 100 - 125 gr Zwarte Woudham
  • 7 eieren
  • 125 ml room
  • 100 gr verse kaas
  • 1 el citroensap
  • Naar smaak Zout & peper

Kneed de bloem en boter met 4 eetlepels water en een theelepel zout tot een soepel deeg. Bekleed er een vorm mee en laat 30 minuten afkoelen.

 

Kook 4 eieren hard. Was, laat uitlekken en hak de kruiden voor de groene saus uit Frankfurt fijn. Snijd de ham in flinterdunne plakjes en verdeel over de deegbodem. Hak de hardgekookte eieren in kleine

en verdeel over de bovenkant. Meng de 3 eieren, room en verse kaas en breng op smaak met 1 eetlepel citroensap, zout en peper. Verdeel het mengsel over de deegbodem.

 

Bak ongeveer 30 minuten op 180 °C (gasstand 4) op de middelste hoogte van de oven.

  • Riesling (trocken)

met kruidenkorst Geroosterde kalkoen

met kruidenkorst

  • 600 gr kalkoenborst (in 1 stuk)
  • 0,25 l witte wijn
  • 0,25 l groentebouillon
  • 4 hele tomaten
  • 4 schijven toastbrood
  • 2 eieren
  • 2 uien
  • 75 gr gemalen Emmentaler
  • 1 stengel prei
  • 1 bussel bieslook
  • 1 el olijfolie
  • Naar smaak peper & zout

Was het vlees, dep het droog en snijd in de lengte een diepe holte. Verkruimel de toast. Was en hak de kruiden, pel de uien en snijd ze in blokjes.

 

Verwarm de oven voor op 200°C (boven- en onderwarmte). Doe het brood, de kruiden, uien, kaas en eieren in een kom, meng goed en breng op smaak. Stop 2/3 van dit mengsel in de kalkoenborst. Prik de opening vast met houten satéprikkers en bind kruislings vast met keukentouw. Leg het gebraad in een braadslede en bestrijk het met olie.

 

Rooster ongeveer 1 uur in de voorverwarmde oven. Schenk geleidelijk de witte wijn en de groentebouillon erbij.

 

Maak de groenten schoon en was ze. Snijd de prei in stukjes en voeg na 30 minuten toe aan de braadslede, samen met de hele tomaten.

 

Bijna 20 minuten voor het einde van de kooktijd verdeel je het resterende derde deel van het kruidenmengsel over het gebraad en laat je het verder garen.

 

Schik op borden met de groenten en serveer. Serveer met rijst.

  • Grauburgunder (trocken)
  • Chardonnay (trocken)

met geitenkaas Courgette-cantharelsalade

met geitenkaas

  • 2 courgette
  • 3 el koolzaadolie
  • 1 kleine sjalot
  • 300 gr cantharellen
  • 1 mespunt gemalen piment
  • 2 bosjes rucola
  • Telkens een half bosje kervel en platte peterselie
  • Telkens 3 el walnoot- en koolzaadolie
  • 4 stuk geitenkaas
  • 1 snuifje suiker
  • Naar smaak zout & peper

Salade:

Was de courgettes en snijd ze in dunne plakjes. Doe in een kom en meng met de olie.

 

Verwarm een grillpan en bak de courgettes in porties goudbruin. Breng op smaak met zout en peper en leg in een schaal.

 

Sjalot pellen en in fijne blokjes snijden. Maak de cantharellen schoon, was ze indien nodig en dep ze droog. Snijd afhankelijk van de grootte eventueel doormidden.

 

Sauteer de sjalot in een pan tot hij doorschijnend is. Voeg de cantharellen toe en bak krachtig al roerend 3 minuteng. Breng op smaak met zout, peper en piment. Voeg toe aan de courgettes. Was de rucola en droog.

 

Dressing:

Was de kruiden, droog ze. Pluk de blaadjes, mix fijn met beide soorten olie en azijn in een blender of met een staafmixer. Breng op smaak met zout, peper en suiker. Giet over het courgette- en cantharellenmengsel en meng losjes met de rucola. Schik op borden en bestrooi met geitenkaas.

  • Weißburgunder (trocken)